Terug

Gezondheid


Interview met Fredrikke van Helden

Van de acht meest kostbare ziekten die Nederland jaarlijks elk meer dan een miljard euro kosten, zijn er in ieder geval vier voedselgerelateerd las ik in de Wegwijzer Gezond & Duurzaam Voedsel. “Dat is zorgelijk”, vindt Fredrikke van Helden, Innovation Manager Marketing bij Van Geloven en voorzitter van de MVO-coördinatiegroep van de snackproducent. “We zijn er trots op dat we juist mooie stappen zetten om ons assortiment gezonder te maken. Daarbij besteden we veel aandacht aan transparantie, zodat consumenten op basis van hun eigen situatie een verantwoorde keuze kunnen maken.”

Van Geloven is van mening dat het prima is om af en toe te genieten van snacks; daar is niks mis mee binnen een gevarieerd voedingspatroon met een goede balans. Echter, voor een grote groep mensen is het moeilijk om de variatie en balans aan te brengen, omdat hen niet altijd duidelijk is wat wel of niet gezond is. “Dat is zorgelijk en is een maatschappelijk issue dat we met elkaar moeten oplossen. Wij nemen daarin onze verantwoordelijkheid” stelt Fredrikke. “Door onze producten gezonder te maken en door er zo transparant mogelijk over te communiceren, zodat mensen makkelijk een verantwoorde keuze kunnen maken.”

Mijlpalen
Het gezonder maken van het assortiment doet Van Geloven op twee manieren; door de ingrediënten aan te pakken en te innoveren op het assortiment.

Het vertrekpunt bij de ontwikkeling van elk nieuw merkproduct, dit kan de ontwikkeling van een nieuw product zijn of de renovatie van een bestaand product, is het ‘Groene lijstje’. Hierop staan alle bovenwettelijke criteria waar de producten van Van Geloven op corporate en merkniveau aan moeten voldoen helder weergegeven. Denk aan normen met betrekking tot vet, zout en dergelijke, maar ook harde eisen ten aanzien van ingrediënten, bijvoorbeeld geen gemodificeerde soja, gebruik van scharrelei en zonder kunstmatige geur-, kleur- en smaakstoffen. Wanneer Van Geloven een norm op corporate niveau vaststelt, geldt deze zowel voor de merkproducten als de private label snacks die het bedrijf produceert. Daarnaast kunnen in overleg met private labels aanvullende criteria toegepast worden. Op ingrediëntenniveau is de introductie van de snackiconen kroket, frikandel en hamburger zónder kunstmatige geur-, kleur- en smaakstoffen een echte mijlpaal. Er worden in ons land zo’n 600 miljoen frikandellen per jaar gegeten. Daarmee is de frikandel de nr. 1 snack van ons land, de kroket volgt op de voet. “Als belangrijke speler op de snackmarkt vinden wij het belangrijk een visie te hebben en beleid te voeren op het gebruik van geur-, kleur- en smaakstoffen. Nu de renovatie van de core snacks succesvol verlopen is, gaan we ook met de andere snacks aan de slag. De verwachting is dat we binnen drie à vier jaar 100% van onze snacks die bij de supermarkt te koop zijn (Mora en Hebro) zonder kunstmatige geur- , kleur- en smaakstoffen verkrijgbaar zijn. En uiteraard zetten we deze ontwikkeling  ook voor de Mora producten in het out-of-home kanaal door”, vertelt een bevlogen Fredrikke.

Voor wat betreft de olie die Van Geloven voor haar snacks gebruikt, is die volledig van plantaardige herkomst en bevat minimaal 70% onverzadigd vet. Van Geloven gebruikt al vanaf 2010 100% Book and Claim* palmolie en is vanaf eind 2014 overgegaan naar 100% Segregrated palmolie voor de totale palmoliebehoefte. Segregrated** palmolie betekent dat de duurzaam geproduceerde palmolie in de hele keten gescheiden is gehouden van de niet duurzaam geproduceerde palmolie. “Een aantal klanten wil op korte termijn opschalen naar het Mass Balance*** niveau, maar streven net als wij naar segregated.



20% minder zout

Een andere belangrijke ontwikkeling is te vinden in het zoutreductiebeleid van Van Geloven. Het bedrijf volgt daarvoor de afspraken die de AKSV (Algemene Kokswaren en Snackproducenten Vereniging) en FNLI (Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie) in 2006 met elkaar maakten, namelijk 20% zoutreductie in de aanloop naar 2015 ten opzichte van de NEVO-tabel waarden in 2006.

De AKSV formuleerde absolute normen voor 2015 die het bedrijf ook als norm hanteert; het bedrijf zat destijds al met meerdere producten lager in natrium dan de NEVO-tabel waarden. Van Geloven voldoet op dit moment gemiddeld aan de absolute normen. De snackproducent heeft op de segmenten vleessnacks en loempia’s zelfs lagere natriumwaardes dan de AKSV in totaal. “Bij het verlagen van de natriumwaardes zijn we gestart met de producten met het grootste volume en dus bereik naar consumenten en dat zijn vooral Mora producten in het retail kanaal”, licht de Innovatiemanager toe. “Ons doel is om nu op individuele ‘uitschieters naar boven’ te focussen en deze terug te brengen naar de target voor 2015. Met name op onze out-of-home producten moeten we nog een slag maken.”



Met minder of zonder vlees ook vooral heel lekker

Naast het renoveren van snacks door aanpassingen in de ingrediënten zet Van Geloven in op het innoveren van het assortiment. Een goed voorbeeld hiervan is de introductie van Mora Veggie Saté in 2013. “Dat is saté ‘met’ zonder vlees”, aldus Cora van Mora in de commercial. Oftewel vegetarische saté. Innovatiemanager Fredrikke licht toe: “Vlees is weliswaar een basisingrediënt van onze producten, maar toch zien we het als onze verantwoordelijkheid om consumenten ook lekkere producten aan te bieden met minder of zelfs geen vlees. Dat is duurzamer en net zo lekker.  Buiten 100% vegetarische producten die zelfs certificering hebben van de Vegetariërs Bond komen we met producten die vooral gebaseerd zijn op groenten gecombineerd met kaas en kruiden. In 2014 hebben we volop aan de ontwikkeling gewerkt van een nieuw concept dat we halverwege 2015 hebben gelanceerd onder de naam Happas. Dit zijn kleine gerechtjes die perfect bij de borrel passen maar ook onderdeel kunnen zijn van een gezellige maaltijd bestaande uit diverse kleine hapjes.”   



Bereiding buiten de frituur

Happas zijn een voorbeeld van producten die alleen in de oven bereid kunnen worden. Van Geloven stimuleert bereiding buiten de frituurpan door steeds meer producten te lanceren die in de oven bereid kunnen worden. Snacks die men bereidt in de oven nemen geen extra olie meer op, consumenten en horecaondernemers waarderen dat. Overigens, onder goede condities frituren zorgt bij sommige producten ook voor nauwelijks extra vetopname. Fredrikke gaat verder: “We kunnen dan ook niet stellen dat het altijd gezonder is om snacks in de oven te bereiden in plaats van in de frituur. Wij vinden dat ovenbereiding vooral gemak biedt aan de consument en horecaondernemer die geen frituur(pan) heeft en wil.” Niet voor niets zijn veel producten onder het Mora merk naast in de frituur ook in de oven te bereiden. In 2014 lanceerde Mora al de ovenfrikandel, omdat de reguliere frikandel niet goed in de oven bereid kan worden. In 2015 voegt Mora hier een ovenkroket en ovenbitterbal aan toe welke niet meer in de frituur bereid kunnen worden. “Door een product qua bereiding volledig op oven te focussen kunnen we nog een enorme kwaliteitsstap maken in de eetbeleving. Onze ovenkroket en -bitterbal zijn écht krokant en behouden ook nog eens een heel smeuïge ragout”, aldus Fredrikke.  Direct vanaf de introductie van de airfryer werkt Van Geloven samen met Philips om ook alternatieve bereiding op basis van hete lucht onder de aandacht te brengen. Een bereidingswijze die thuis aan terrein wint ten opzichte van frituren. Simpelweg omdat mensen het gemakt biedt en het geen ongewenste geur geeft.



Het vuur aanwakkeren
“De komende jaren zetten we de verduurzaming van ons bedrijf en dus ook ons assortiment onverminderd voort”, zegt Fredrikke resoluut. “We hebben de smaak te pakken. Er is draagvlak binnen de organisatie. Ik zie het als mijn persoonlijke uitdaging om het vuur bij de medewerkers aan te blijven wakkeren, zodat de MVO-gedachte voor iedereen onderdeel wordt van het dagdagelijkse.” Voor verdere verduurzaming blijft Van Geloven acteren vanuit de eigen, soms eigenzinnige, overtuiging en volgt ze de behoeftes van consumenten en klanten. Bovendien hecht het bedrijf waarde aan de visie van andere belangrijke stakeholders, zowel binnen als buiten de keten, omdat het belangrijk is om te weten hoe stakeholders tegen ons bedrijf aankijken.”

* Book & Claim (B&C): Een certificaat staat voor de productie van één ton duurzaam gecertificeerde palmolieproducten. Plantages die volgens de RSPO standaard zijn gecertificeerd, kunnen GreenPalm-certificaten aanbieden en verkopen aan bedrijven die hiermee hun palmoliegebruik duurzaam kunnen afdekken.

** Segregation (SG): Duurzame palmolie van verschillende gecertificeerde plantages wordt door de hele keten apart gehouden van reguliere palmolie.

*** Mass Balance (MB): Duurzame palmolie van gecertificeerde bronnen wordt administratief gevolgd in de keten, maar kan vermengd worden met reguliere palmolie.